Manieren van lezen

Intensief lezen

Je leest intensief als je een tekst helemaal wilt begrijpen. Je moet dan precies weten welke woorden in een zin bij elkaar horen en welke woorden naar (een deelvan) een andere zin verwijzen.

Kijk naar onderstaande zinnen.

  1. Ik zit niet op Facebook, en ik wil er ook zeker geen profiel hebben. Het woord ‘er’ in de tweede zin verwijst naar ‘Facebook’. Het verwijst naar een woord in de vorige zin.
  2. En al dat neuzen levert vervolgens ook weer stress op. Het woord ‘op’ hoort bij ‘levert’. Het verbum is ‘opleveren’.
  3. Je staat voortdurend onder druk.

Het woord ‘druk’ hoort bij ‘onder’ en ‘staat’. ‘Onder druk staan’ is een uitdrukking.

Extensief lezen

Je leest extensief als je snel bepaalde informatie in een tekst wilt opzoeken. De lay-out van een tekst kan je daarbij helpen.

  • De titel, ondertitel en tussenkopjes geven belangrijke informatie.
  • De witregels geven aan dat er een nieuwe tekstdeel (een alinea) begint.
  • Na de indeling en voor het slot staat ook vaak een witregel.

Als je snel wilt weten waar een tekst over gaat, lees dan de titel en de ondertitel, als die er is. Als de tekst een inleiding en een slot heeft, lees die dan ook.

Tot slot een tip: lezen in het Nederlands wordt pas echt leuk als je niet meer over elk woord en elke zin hoeft na te denken. Probeer daarom ‘kilometers’ te maken door alles te lezen wat je tegenkomt. Op die manier verhoog je je leessnelheid.

Plaats een reactie