1 ui
150 gr champignons
75 gr boter
2 1/2 eetlepel bloem (25 gr)
1 1/2 dl melk
50 gr geraspte belegen kaas
1 eetlepel citroensap
zout, peper
6 eetlepels paneermeel
1 ei
4 magere varkenslapjes á 100 gr
- Pel de ui en snipper hem fijn.
- Maak de champignons met keukenpapier schoon en snijd ze in plakjes.
- Verhit in een steelpan 2 1/2 eetlepel boter en bak de ui 3 minuten zachtjes.
- Voeg de champignons toe en bak ze 4 minuten mee.
- Roer er de bloem door en voeg al roerend de melk en 1 dl water toe.
- Blijf roeren tot een gebonden saus ontstaat.
- Laat deze 5 minuten zachtjes koken, onder af en toe roeren.
- Voeg de kaas en het citroensap toe en laat de kaas smelten.
- Breng de saus op smaak met peper en zout.
- Strooi in een diep bord het paneermeel.
- Roer in een ander diep bord het ei los.
- Wrijf het vlees in met zout en peper.
- Haal het vlees eerst door het ei en wentel het dan door de paneermeel.
- Verhit in een koekenpan de rest van de boter en bak het vlees in 10 minuten goudbruin en gaar; keer het af en toe.
- Verwarm intussen de grill op de hoogste stand voor.
- Verwarm al roerend de saus.
- Leg het vlees in een ovenschaal en schenk de saus over.
- Laat de saus op het rooster vlak onder de grill in 1 minuut lichtbruin kleuren.